Over Erik van der Spek Staatsbosbeheer Texel

boswachter Staatsbosbeheer Texel

Vogelwacht bij Staatsbosbeheer Texel, steeds in verandering

Sinds de eerste delen van de duinen van Texel in 1908 vanwege broedvogels zijn beschermd is er sprake van vogelwachters die op het wel en wee van de broedvogels toezien. In de loop van deze ruim honderd jaar is deze vogelwacht volop in verandering geweest. Vanaf maandag 20 april gaat een volgende verandering van start met de start van de vrijwillige vogelwacht in De Slufter.

Oud vogelwachter Jan Hopman begeleid een excursie in De Muy

Oud vogelwachter Jan Hopman begeleid een excursie in De Muy

Vogelbeschermer
In het begin was de vogelwachter in de eerste plaats handhaver van de rust voor de broedvogels in het gebied. Het rapen van eieren voor de consumptie of de verkoop voor eiercollecties of om na het uitbroeden van dieren deze in watervogelcollecties te houden was toen heel gewoon en een interessante bijverdienste. Al snel werden er ook excursies in deze broedgebieden verzorgt, in ieder geval van af 1921. In de jaren dertig dekten de inkomsten van deze excursies zelfs de kosten van de vogelwacht. Vogelwacht was zowel een deel van het werk van vaste Staatsbosbeheer medewerkers als een tijdelijke baan. In het begin waren het vaak duinboeren die dit er bij deden naast het verzorgen van hun schapen. De bekendste is denk ik Frans Stark die in De Muy het gebied dat hij ook pachtte als vogelwachter actief was. Regelmatig observeerde hij het gebied vanaf de Politienol, zag hij dan iemand het gebied in komen dan stuurde hij zijn hond er met in een briefje het verzoek weg te gaan naar de overtreder.

De niet meer zwarte keet en het Diepe Gat in De Slufter

De niet meer zwarte keet en het Diepe Gat in De Slufter


Gastheer
Met het toenemen van het toerisme nam de behoefte aan vogelwacht toe en ging het steeds vaker ook om het handhaven van de spelregels tussen verschillende groepen van toeristen. De vogelwachter / boswachter werd steeds meer de gastheer van Staatsbosbeheer die mensen ontving, van informatie voorzag, mee nam op excursie en zo nodig corrigeerde. Een heel andere taak van de vogelwachter was het in kaart brengen van de broedvogels, bijzondere planten en andere natuurgegevens. Gegevens die nodig zijn om in de gaten te houden hoe het met de kwaliteit van de natuur gaat en waar nodig het beheer bij te sturen. Doordat de meeste mensen het ondertussen normaal vinden om met respect om te gaan met de natuur is er minder inzet nodig op het beschermen van broed- en rustgebieden van vogels. Gastheer zijn en mensen informeren over de natuur en de recreatie mogelijkheden en het beperken van overlast tussen verschillende groepen recreanten wordt steeds belangrijker.

Vrijwillige vogelwacht
De vrijwillige vogelwacht is een nieuwe loot aan de stam van de vogelwacht. Deze vogelwachters zijn geselecteerd op de combinatie van goed kunnen communiceren en natuurkennis. Het zijn mensen die privé en soms ook beroepsmatig hier al veel mee bezig zijn en op deze manier eens in een ander gebied actief willen zijn. De vogelwachters laten u ook digitaal meegenieten van hun werk via twitter @de_slufter of berichten op ons weblog staatsbosbeheertexel.wordpress.com. De vogelwachters werken vanuit de Zwarte Keet (vroeger zwart van de carbolineum) in de Zanddijk ter hoogte van de Oorsprongweg. Wanneer het hek open staat zijn ze aanwezig en bent u welkom voor een praatje.

Boswachter Erik van der Spek

Vrijwillige vogelwachters in De Slufter actief, Staatsbosbeheer krijgt extra gastheren in het Nationaal Park

(c) foto; Ton Zegers

(c) foto; Ton Zegers


In De Slufter krijgt Staatsbosbeheer vanaf maandag 20 april assistentie van vrijwillige vogelwachters die hier als gastheren en –vrouwen actief zullen zijn. Hier mee volgen we in het Nationaal Park Duinen van Texel het voorbeeld van ander plaatsen in het Werelderfgoed Waddenzee zoals
Terschelling (de Boschplaat), Engelsmanplaat, Rottumerplaat en Rottumeroog, en de collega’s van Natuurmonumenten bij De Schorren en Utopia. De kans dat bezoekers in deze natuurgebieden de boswachter tegenkomen en vragen kunnen stellen neemt hierdoor aanzienlijk toe.

Gastheerschap = veel gesprekken
Het werk van de vogelwachters bestaat dan ook in de eerste plaats uit het contact zoeken met het aanwezige publiek bij het uitkijkpunt het Diepe Gat of de wandelroute door De Slufter en langs het fietspad. Vorig jaar zijn op de Boschplaat in een seizoen op deze manier 7.000 gesprekken gevoerd over de natuur en het ontstaan van het gebied. Iets wat door de bezoekers erg op prijs wordt gesteld. Door deze voorlichting wordt ook gedrag dat de natuur kan schaden of andere recreanten kan storen voorkomen of gestopt. Daarnaast leveren de vogelwachters een bijdrage aan het verzamelen van natuurinformatie, zoals het inventariseren van broedvogels in een deel van het gebied.

Volg de vogelwachter
De vogelwachters laten u ook digitaal meegenieten van hun werk via Twitter (@de_slufter) en ons weblog (staatsbosbeheertexel.wordpress.com). De vogelwachters werken vanuit de Zwarte Keet (vroeger zwart van de carbolineum) in de Zanddijk ter hoogte van de Oorsprongweg. Wanneer het hek open staat zijn ze aanwezig en bent u welkom voor een praatje. Aan het eind van het seizoen evalueert Staatsbosbeheer met de vogelwachters het broedseizoen. Dan wordt ook bekeken of we doorgaan met deze vorm van gastheerschap en monitoring.

Boswachter Erik van der Spek

Tuinwallen, kenmerkend voor hoge land van Texel

IMG_1561 web
Tuinwallen zijn onlosmakelijk verbonden met Texel. Zij horen zowel bij de stuwwal tussen Oost en Den Hoorn als bij de duinen. Hoger gelegen gebieden, waar sloten niet gebruikt konden worden om percelen van elkaar te scheiden en het vee op zijn plaats te houden. De discussie over hoe tuinwallen gebouwd moeten worden, met ruit of stapel zoden is ondertussen verstomd, nu zoden met de kraan gesneden en gestapeld worden. Dat er meerdere antwoorden juist zijn blijkt uit een rapport van de Cultuurtechnische Dienst uit 1951 over perceelsscheidingen op het eiland Texel.

Drie typen tuinwal
Er worden drie typen tuinwal besproken. Als waarschijnlijk oudste en meest oorspronkelijke vorm in gebruik op armere hogere zandgronden een tuinwal bestaande uit achtlagen van twaalf centimeter dit op elkaar gestapelde graszoden. Soms volledig uit graszoden opgebouwd, maar ook met onderste drie tot vier lagen bestaande uit een dubbele rij zoden opgevuld met grond. Dit lijkt dus erg op de huidige manier van tuinwallen bouwen.
Type twee was een tuinwal opgebouwd uit drie lagen ruitzoden. Hele dikke zoden werden op hun kant gezet en gestapeld. De onderste laag was 40cm hoog, de volgende twee 30cm, de ruimte tussen de zoden werd met losse grond opgevuld en goed vast gestampt. Het geheel werd met de dekzode bekroond. Deze methode is op Texel maar beperkt mogelijk omdat meestal de grond niet stevig genoeg is. Dit werd deels ondervangen door de tuinwal breder te maken zodat de zoden onder een flauwere hoek kwamen te staan.
Type drie is lang het meest gebruikt, deze bestond uit vier lagen ruitzoden van 30cm, 27cm, 24cm en 20cm breed. Bij dit type mocht de grond minder stevig zijn, zolang de zode maar tamelijk vast was.
Op de dekzode werd aan beide zijde van de tuinwal een lage afrastering van gladdraad en later prikkeldraad geplaatst om te voorkomen dat de schapen op de tuinwal klommen.

Duintuinwal
Er wordt beschreven dat langs dat op tuinwallen langs de rand van de duinen in plaats van deze draad wel duindoorntakken werden gestoken als natuurlijk prikkeldraad. Bekend is dat dit op de tuinwallen in de duinen ook de gewoonte was. Vermoedelijk waren de tuinwallen hier vaak lager en werd het gebrek aan hoogte gecompenseerd door de duindoorntakken. In de duinen waren op veel plaatsen ter plekke geen zoden te winnen en moesten die van verder weg worden aangevoerd. Duindoorntakken waren een stuk lichter om te vervoeren.

Kosten
Ook zijn de kosten vergeleken. De aanleg van een tuinwal kostte toen fl. 224,60 per 100m, urusgaas fl. 213,40 en een elektrisch raster vanaf fl. 771,50 per 1000m. Voor de jaarlasten kwam dit op fl. 29,21; fl. 20,70 en fl. 11,32
????????

Onderhoud
Voor het onderhoud van de tuinwallen werd aan weerszijden een strook grasland van 2,5m niet bemest om hier op die manier een goede vaste zode te hebben voor het herstel van de tuinwal. Elke winter werden de tuinwallen nagelopen en waar nodig opgeknapt. Doordat de tuinwal mee begraasd kon worden kon de kenmerken bijzondere planten groei vanonder andere muizenoortje en grasklokjes bij het ouder worden tot ontwikkeling komen. De bijzondere Texelse zandbij en klokjesdikpootbij profiteerden daar op hun beurt weer van.

boswachter Erik van der Spek

Bron: Schrammmeyer J 1951 Rapport van verschillende soorten van perceelsscheidingen op het eiland Texel

Sneeuwlandschap in de Eierlandse Duinen op Texel?


Op de plek waar het Slag door de Eierlandse Duinen bij het strand komt lijken mensen wel door een besneeuwd landschap te lopen. De storm van vorige week heeft een verse laag zand over het duinlandschap uitgestrooid. Straks verdwijnt het weer onder de plantengroei. De duinbodem krijgt door het verse zand een verjongingskuur, goed voor veel duinplanten en de dieren die daar bij horen. Zo krijgt het wintergroen meer kans om te groeien onder kruipwilgen waar een dun laagje zand op de strooisellaag ligt. Op ander plaatsen kunnen duinviooltjes profiteren van lichte overstuiving en daarmee krijgen de rupsen van drie soorten parelmoervlinders weer voedsel. Zo helpen storm en stuivend zand de kwaliteit van het Nationaal Park Duinen van Texel te bewaren.

Boswachter Erik van der Spek

Oosterse vos nu ook op Texel waargenomen, in het Nationaal Park Duinen van Texel

Afgelopen zaterdag is de dagvlinder de oosterse vos voor het eerst op Texel gezien. Dit gebeurde tijdens de voorbereiding van een excursie van Staatsbosbeheer in het natuurgebied De Geul door Eline Reydon. Het is een verwant van de bekende kleine vos die algemeen op Texel voorkomt en de zeer zeldzame en niet van Texel bekende grote vos. Vorig jaar was er een invasie van oosterse vossen uit Midden Europa, deze zijn toen niet op Texel gezien. Net als de kleine vos overwinteren oosterse vossen als volwassen dier en zijn ze al vroeg in het jaar actief. Uit ander plaatsen was al bekend dat ze met succes in Nederland hebben overwinterd. Nu is het afwachten of ze zich hier ook gaan vestigen en wel er blijvend een dagvlindersoort bij hebben.
grote vos

Boswachter Erik van der Spek

Horspolderwandeling 3,8km door het jongste duingebied van Texel

????????

De rondwandeling (blauwe markering) door het Nationaal Park Duinen van Texel waar langs de meeste orchideeën te bewonderen zijn. is de Horspolderwandeling. Dit is een rondje van 3,8km over ruige paden met enkele pittige hellingen. Langs deze wandeling zijn in het voorjaar verschillende soorten orchideeën te zien: vleeskleurige, gevlekte, moeraswespen orchis en voor de mensen die heel goed opletten de zeer bijzondere groenbloeiende groenknolorchis. Elk jaar is het weer afwachten wanneer de eerste planten in bloei staan. Eerst moet het grondwater door verdamping zover zakken dat de bodem opwarmt.

Horspolders
De wandeling start bij het parkeerterrein langs de Mokweg, vlak voor het punt dat auto’s niet verder mogen rijden. Dit is Texelhopperhalte 51. Via het Slag naar Paal 6 gaat de route het duin in. Net in de Oostelijke Horspolders staat een strandpaal die aangeeft dat hier in 1910 nog de vloedlijn lag. Sinds het ontstaan van Texel, ongeveer 1000 jaar geleden, is De Hors steeds verder naar het zuiden verschoven. Op deze strandvlakte ontstonden, vaak gestimuleerd door het plaatsen van stuifschermen en het planten van helm, steeds nieuwe duinen.

De Oostelijke en Westelijke Horspolder zijn ontstaan door de aanleg van stuifdijken halverwege de jaren vijftig. Loop over de scheidende stuifdijk naar de Westelijke Horspolder. Dit stuk wandelpad is regelmatig verlegd, omdat door de duingroei op De Hors de waterstand stijgt. De duinvallei is nu grotendeels een duinmeer. Langs het wandelpad bevindt zich nog een deel van de rijke duinvallei begroeiing. Dat kan alleen dankzij het maaibeheer, dat Staatsbosbeheer hier jaarlijks in opdracht van de eigenaar Defensie uitvoert. Waar niet gemaaid wordt, gaat het riet langzaam over in moerasbos. Uit het riet en de wilgen zijn in het voorjaar veel zangvogels te beluisteren, zoals de blauwborst, maar ook de roerdomp laat zijn hoemp hoemp vaak horen.
?????????????????????????????

Kreeftepolder
Over de stuifdijk van 1956 gaat de route naar de Kreeftepolder. Dit is de jongste polder in het gebied, aangelegd onder leiding van Jaap Kreeft van Rijkswaterstaat. Ook deze vallei uit 1976 wordt steeds natter en begint dicht te groeien. Dankzij jaarlijks maaien zijn ook hier veel duinvalleiplanten te zien. Hier is de kans op het vinden van een groenknolochis groter dan in de Horspolder. De groenknolorchis is in Nederland zeldzaam enwereldwijd zelfs super zeldzaam. Alle reden om er erg voorzichtig mee om te gaan. Ga aan het eind van de Kreeftepolder even rechtsaf voor u terugloopt naar het startpunt. Voor de stuifdijk vindt u natuur die zonder ingrijpen van mensen op het strand nieuwe duinen en duinvalleien laat ontstaan. Het gebied verandert snel, tijdens storm kunnen zee en wind de boel grondig verbouwen. De duinen nemen hier steeds meer ruimte in beslag.

Vogels
Terug naar het begin door de Oostelijke Horspolder. Dit is nu een groot duinmeer. Het hele jaar door zijn hier veel vogels te zien, onder andere verschillende soorten eenden. Ook zitten hier zangvogels in de wilgen en het riet van de oeverzone. Op deze rondwandeling is altijd veel te zien.

Boswachter Erik van der Spek

Lopers van De Zestig van Texel genoten van de Duinen van Texel

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Een groot deel van de Zestig van Texel ging uiteraard door het Nationaal Park de Duinen van Texel. Rond de Mokbaai lopend liepen ze via het Slag naar Paal 6 en De Hors naar het strand. Via het Paadje naar 14 mochten ze de duinen in, de zeereep was hier een pittige hindernis. Via Knobbelpad, Randweg en Pachapad volgde weer een stuk strand. Via het Mienterglopslag en het Slag door de Nederlanden verder naar De Slufter en daar vandaan via het fietspad naar de Vuurtorenweg. Onderwijl veel mensen passerend die op een heel andere manier van de natuur aan het genieten waren.

Boswachter Erik van der Spek